G&E in de USA.
Deel 11: Terug naar Nederland


Geschreven op 24 maart 2002

Gerards auto

In de vorige afleveringen had ik nog vergeten om te vertellen dat Gerard ook een nieuwe auto had gekocht. Op zijn verzoek hierbij de foto's. Hij heeft zichzelf verwend met een donkerblauwe Volvo V70 XC (Cross Country). Een enorme bak met vierwielaandrijving, verwarmde stoelen en heel veel knopjes..... Echt een auto voor een man-met-midlife crisis???? Maar zonder gekheid, het is een erg fijne auto, met veel ruimte voor grote dozen en pakketten, erg handig als je net in een nieuw huis woont en regelmatig naar de Home Depot (Amerikaanse Gamma) rijdt.

Olievlek en klompen

De vorige aflevering schreef ik al over de hogedrukspuit die we hadden gekocht. Het apparaat blijkt een groot succes te zijn. Nadat ik de achtertuin helemaal had schoongespoten, ben ik aan de voorkant begonnen. Op de oprit zat een grote, zwarte olievlek, een erfenis van de vorige eigenaar. Vol goede moed richtte ik de hogedrukspuit op de vlek, maar er leek weinig verbetering op te treden. Op advies van mijn broer heb ik de vlek natgemaakt met de tuinslang en ingeborsteld met waspoeder, en dat een paar dagen laten incuberen. Daarna opnieuw met de hogedrukspuit, en zowaar, de vlek ging weg. Niet helemaal, maar het werd toch een enorme verbetering zoals je op de foto's kunt zien.

Op de foto zie je ook de klompen staan die ik van Annemieke van den Elzen had gekregen op ons afscheidsfeest in oktober. Toen zaten er nog zakken drop in, maar die zijn inmiddels al op! Het is een echt Hollands gevoel, als ik thuiskom en ik zie de klompjes al klaar staan. Helaas draagt het niet bij aan het uitroeien van het idee dat alle Amerikanen van Nederlanders hebben, namelijk dat we allemaal op klompen lopen..... En ja, de dozen bij de deur zijn ook al opgeruimd. Je ziet ook de tuinslangen liggen. De vorige eigenaars hebben alles laten hangen, en overal zitten aansluitingen. Heel handig dus, jammer dat alles lekt, daar moeten we nog wat aan doen. De drie panelen links naast de (turquoise) voordeur zijn van dun hout. Oorspronkelijk waren het matglazen panelen, en we denken erover om het weer te herstellen in de originele "Eichler-look". De trellisschermen er boven zijn ook niet origineel, daar zouden we dan doorzichtig glas in kunnen zetten. We hebben al een offerte aangevraagd, maar (zoals alles hier) was het zo duur, dat we er nog even over nadenken...

Schildpadden uitpakken

De meeste dozen had ik al vlak na de verhuizing uitgepakt, en de garage stond vol met lege, platte dozen. Daarom had ik een afspraak gemaakt met het verhuisbedrijf om de lege dozen op te komen halen. Ik had de dozen met mijn schildpadverzameling nog niet uitgepakt, maar nu had ik een deadline, en moest ik ze snel uitpakken voordat de ophaaldienst kwam. Maar waar moest ik ze laten? In Den Bosch stonden ze op planken verspreid door het huis, en ik ben van plan om hier in ons nieuwe huis wat mooie vitrinekasten te gaan kopen. Maar dat was er nog niet van gekomen, dus een goede plek om alle padden neer te zetten had ik nog niet. Dan maar op het logeerbed!
Aldus geschiedde, en ik ben een ochtend druk geweest met het uitpakken van alle 1300 padden, intussen steeds meer sympathie voelend voor de mannen die ze allemaal in oktober hadden ingepakt! Alle exemplaren waren stuk voor stuk in papier verpakt, dus het was een heel werk. Het waren een stuk of 10 dozen, allemaal netjes met "turtles" gemarkeerd. Dit heeft gelukkig geen problemen bij de douane gegeven. We waren bang geweest dat die zouden denken dat er levende schildpadden in de container zaten, maar we hebben er niets van gehoord. Hierbij wat foto's van de verzameling, allemaal herenigd op het grote bed, waar ze trouwens nog steeds liggen. Maar ach, voorlopig komen er nog geen logees. Waarom eigenlijk niet? We zouden het erg leuk vinden als we wat gasten zouden krijgen, maar de belangstelling voor een tripje naar San Francisco valt wat tegen. Gelukkig hebben we al wel een "reservering" voor de herfstvakantie, maar we kijken uit naar nog meer bezoekjes!

De treadmill

Ik durf het bijna niet te vertellen: we worden steeds Amerikaanser. Gerard heeft een TREADMILL gekocht. Voor degenenen die niet weten wat dat is: het is een fittness apparaat waar je op kunt hardlopen. Een soort lopende band waarvan de snelheid en hellingshoek te veranderen zijn. Er zitten meerdere programma's op, je kunt je hartslag meten, het aantal verbrande calorieen laten uitrekenen, en natuurlijk zitten er speciale houders op voor een fles water, een telefoon en de afstandsbediening van de televisie! Het enorme gevaarte hebben we met vereende krachten in 1 van de logeerkamers weten te hijsen. Omdat er in deze kamer ook al mijn oude vertrouwde roeitrainer staat, hebben we deze kamer maar de naam "exercise room" gegeven! En ja hoor, er staat ook al een televisietje. Ik moest erg lachen toen Gerard vertelde dat hij dit ding wilde kopen, maar nu we hem eenmaal hebben, moet ik toegeven dat het wel erg handig is. Je zet de tv aan op CNN, start op de treadmill het "Mountain Trail" programma, en lopen maar. En niemand die ons ziet strompelen op dat ding, dus lekker prive. O, wat zullen we straks slank en fit worden .... (geloof jij het?).

Groene vingers?

Hierbij wat foto's van een nieuw huis-tuin-en-keuken project van mij: ik heb nieuwe planten in het atrium gepoot. Er stonden wat half vergane houten bloembakken met onhandig grote gatenplanten, die telkens tussen de schuifdeuren kwamen. Die hebben het veld geruimd voor wat kleinere planten. Bij onze studeerkamer staan drie Aaronskelken (Calla's), met witte bloemen, en bij het keukenraam staan twee Fatsia's, die voor een tropische sfeer zorgen. Met dank aan Simone voor het graven en tillen! De hangende varens laten we maar hangen, het staat best leuk. Het is alleen een hoop werk om alles telkens water te geven.

De katten

De katten hebben het nog steeds prima naar de zin. Lina-poes, die we uit Nederland hadden meegenomen, is nog steeds aan het grommen naar Frodo, onze gestreepte Amerikaanse aanloop-poes. Frodo is inmiddels flink gegroeid, en zelfs al groter dan Lina. Ik ben benieuwd hoe groot hij wordt. Het is maar goed dat we hem hebben laten castreren, want Lina was vorige week krols, en Frodo, 5 maandjes oud, wist al precies wat hij moest doen, if you catch my drift. Op de bijgaande foto's is goed te zien dat Frodo altijd in is voor wat nieuws. Hij is dol op de printer, vooral als er blaadjes uit gaan komen, zwaait graag aan de hang-planten, en springt in elke doos. Je wordt er soms tureluurs van... Lina vindt het nog steeds niets, maar in dit huis kunnen ze elkaar goed ontlopen. Soms zit Frodo achter Lina aan te rennen, het hele huis door, dus ze hebben beweging genoeg.

Terug naar Nederland

Zoals de meesten van jullie al gehoord of gemerkt hadden, zijn Gerard en ik een weekje naar Nederland geweest. Er waren twee redenen voor dit bezoek. Ten eerste moest ik terug naar mijn "homecountry" voor het veranderen van mijn verblijfsvergunning (L2, als vrouw van Gerard die een L1 heeft) in een werkvergunning (J1). De tweede reden was dat Gerards moeder erg achteruit was gegaan. Met gemengde gevoelens gingen we dus naar Nederland. De katten verbleven intussen in een "kennel", een dierenhotel.
Op Schiphol wachtte ons een verrassing: mijn moeder en zus haalden ons op. Ze lieten ons gelijk de nieuwe Euro-biljetten en munten zien. Voor ons nog helemaal nieuw, want we zijn eind oktober vorig jaar vertrokken, en we hadden het nieuwe geld alleen nog maar op papier gezien. Raar hoor... in Nederland raakt men er zo langzamerhand aan gewend, en wij stonden met verbazing naar de biljetten te kijken.
We hadden op het vliegveld een huurauto gehuurd, want we hebben natuurlijk helemaal geen aardse bezittingen meer in Nederland. Onderweg naar Gouda, met Gerard achter het stuur, vielen me een aantal dingen op:


Het was geweldig om mijn ouders en zus, zwager en hun zoontje Daan weer te zien! Daan was enorm gegroeid in de vier maanden dat ik hem niet had gezien. In oktober lag hij nog wat op een kleed te kruipen, en kon hij zich met moeite omdraaien, nu was hij al bijna aan het lopen. Hij keek me met grote blauwe ogen aan, zonder blik van herkenning voor zijn tante Elies.

Daarna zijn we uit Gouda vertrokken en zijn we naar Markelo gereden, waar we het weekend hebben doorgebracht bij Gerards broer Harry, en mw. Harbers hebben opgezocht in het verpleegtehuis in Goor. We schrokken wel toen we haar zagen, ze was erg achteruit gegaan in die vier maanden. Helaas herkende ze ons niet meer. Ze leeft nu in haar eigen wereldje in het verleden. Gelukkig leek ze geen pijn te hebben, maar het deed ons wel pijn om haar daar zo te zien liggen in bed.

Maandag 11 maart zijn Gerard en ik naar Amsterdam gegaan, naar het Amerikaanse consulaat. Een bezoek daar is altijd heel spannend. Het consulaat, gelegen aan het Museumplein, is zwaar bewaakt. Eerst moet je je melden aan het grote hek. Een stem uit een geluidsbox vraagt: "Where are you here for?" Het correcte antwoord "To apply for a visa, please" doet het hek openzwaaien, en ik mocht naar binnen. Gerard mocht deze keer niet mee, omdat hij niet voor een visa kwam, maar alleen voor de gezelligheid. Terwijl hij lekker in het zonnetje op een bankje zat, moest ik in de rij voor de ingang van het consulaat gaan staan. Tergend langzaam werden de mensen naar binnengelaten. Binnen moet je je paspoort laten zien, wordt je bagage gecontroleerd, en moet je door een rontgenpoortje. Daarna ga je in de volgende rij staan, voor het echte loketje voor de Visa Applications. Mocht je nu trouwens denken, dat ik me vergis in het enkelvoud/meervoud: 1 visum is in het Amerikaans "a visa".
De mensen voor mij in de rij werden om diverse redenen weer weggestuurd: niet de juiste formulieren ingevuld, geen pasfoto bij zich, of niet in het bezit van een geldig paspoort (?!). Toen we hier in september vorig jaar waren, twee weken na de aanslagen in de VS, werd een man-met-tulbandmuts weggestuurd onder het luid roepen van "De consul heeft u de toegang geweigerd". Ik kan je wel vertellen, dat de moed je dan steeds meer in de schoenen gaat zakken. Gelukkig werd ik zonder problemen geholpen. Ik moest rond half vier terugkomen om het visum op te halen, en even later stond ik weer opgelucht buiten. Gerard en ik hebben de tijd doorgebracht met heerlijk ouderwets shoppen bij de Hema, Bijenkorf en de V&D, en om half vier kreeg ik zonder problemen mijn paspoort MET visum terug. Het eigenlijke visum bestaat uit twee delen: een sticker in je paspoort met daarop een ingescande pasfoto, en een bijbehorend roze vodje papier, dat je vooral niet mag kwijtraken. Op de foto hiernaast zie je mijn paspoort sticker, die zich trouwens verrassend slecht laat inscannen...
We hebben overigens niets gemerkt van de kaping in de Rembrandttoren die dag. Pas op de terugweg, in de auto, hoorden we het verbijsterende verhaal van de man die niet kon leven met de balken van de breedbeeldtelevisie! We waren wel blij dat we niet met de trein waren gegaan, we waren dan vast op het Amstelstation gestrand.

De overige twee dagen van ons bezoek aan Nederland gingen snel voorbij met bezoeken aan onze vorige werkplekken, ik in Nieuwegein en Gerard in Best, en twee gezellige avonden met oude vrienden. Helaas was er geen tijd om iedereen "af te lopen", om het even oneerbiedig te zeggen. Jammer, maar een volgende keer zien we vast weer andere vrienden. Donderdag gingen we al weer terug naar.... huis. Raar om dat zo te zeggen, maar zo voelde het toch wel. Het was goed om velen weer gezien en gesproken te hebben, maar we wonen nu ergens anders!

Het dagelijks leven in the States: To the Supermarket

Omdat ik geen inspiratie meer heb voor de Engelse Les, stap ik over op een nieuw onderdeel: Het dagelijks leven in the States. Vandaag gaan we naar de supermarkt, boodschappen doen op zijn Amerikaans.
Ten eerste hoef je je niet zorgen te maken dat je opeens zonder melk of brood zit, Amerikaanse supermarkten zijn altijd open, 24 uur per dag, alle dagen van de week. Twentyfour-seven noemen ze dat. Daar wen je trouwens snel aan! Niet dat we behoefte hebben om om 3 uur 's nachts te gaan shoppen, maar het is wel heerlijk als je op zaterdagavond 7 uur nog wat kunt halen.
Je kunt kiezen uit veel supermarkten: Albertsons, SafeMarkt, SafeWay, etc. Ik heb nog niet veel verschil tussen de zaken kunnen ontdekken. Daarnaast heb je trouwens ook supermarkten waar je alleen organische boodschappen kunt kopen, iets dat ik niet had verwacht in de States.
Natuurlijk ga je met de auto. Fietsen doe je alleen als sportieve activiteit, niet als vervoermiddel. Elke supermarkt heeft een groot parkeerterrein, met heerlijk grote vakken. Moet ook wel, want de meeste mensen rijden hier in een SUV, zeg maar Renault Espace, maar dan nog een paar maatjes groter. Je snapt, dat ik heerlijk mijn kleine Ford Focusje overal in kan parkeren. Niks fileparkeren hier, altijd schuine vakken waar je zo in en uitdraait.
Je grijpt een karretje (cart) bij de ingang van de winkel. Er hoeft geen muntje in, want overal is personeel bezig om de karretjes, die her en der op het parkeerterrein staan, weer te verzamelen. Het boodschappenwagentje lijkt erg op het Nederlandse model, maar is twee keer zo groot. Je bent tenslotte in Amerika, niet? Als je voor de eerste keer naar binnengaat, valt je mond open. Wauw, wat groot. Denk aan een Albert Heijn 5 winkel, en vermenigvuldig de oppervlakte maal 4.
Je begint natuurlijk bij de groenten. Groenten en fruit heten in het Amerikaans met 1 woord produce. Wat een keus! Gewone groentes, zoals prei, tomaten, kool, maar ook exotische zoals okra, pastinaak, en allerlei minicourgettes (squash genaamd). Tien soorten appels, vier soorten peren, enorme meloenen, prachtige druiven-zonder-pit, en natuurlijk mango's en kiwi's. Alles ziet er perfect uit, niks beurse tomaten of verlepte sla. Je loopt langs de prachtig verlichte rekken en vraagt je af hoe dat kan. Opeens zie je wat lichtflitsen boven de sla en hoor je een onweersbui uit de speakers komen. Wat nu? Plotseling komt er water uit de rail boven de groenten. Dan snap je het, het is tijd voor de besproeiing. Elke paar minuten worden de groentes natgespoten, en daarom blijft het er zo goed uitzien.
Vol verbazing loop je verder, naar de vleesafdeling. Alles is voorverpakt in plastic bakjes, en ligt netjes gesorteerd op beef, pork of poultry. De hoeveelheden staan niet in grammen maar in lb = pounds. Eén lb is 500 gram. Vlees is hier vooral VEEL en het ziet er onnatuurlijk rood uit. De kleinste verpakking gehakt is 1 lb, kleinere hoeveelheden hebben ze niet. Bijna alles is voor 4 personen, dus 4 tartaartjes, 10 kipdrumsticks of een kilo biefstuk. En natuurlijk altijd hele kalkoenen! Er staat nergens op hoe je het vlees moet klaarmaken, of (erger nog) hoelang het houdbaar is. Een Amerikaan doet namelijk 1x per maand of zo boodschappen en gooit alles in de vriezer.
Toch nog wat Engelse les: karbonaadjes heten pork chops, gehakt is ground beef, en kipdrumsticks heten gewoon drumsticks. Hoewel de keus best groot is, mis ik de Hollandse variaties, zoals de blinde/slavinken, gekruide kipreepjes en kalkoentournedos. Ze hebben (bijna) alleen biefstuk, gehakt, karbonaadjes, en kipfilet. En een soort worstjes, die er niet erg lekker uitzien. Daar heb ik me nog niet aan gewaagd.
Ze hebben hier ook geen vegetarische vleesjes, zoals Tivall of Quorn-achtige dingen. Wel 10 soorten tofu, maar die ligt dan weer niet bij het vlees, maar bij de groenten.
De visafdeling is groot. Veel garnalen in allerlei maten, grote vissen, kreeften en krabben. Prachtig, maar hoe maak je het klaar? Hier waag ik me voorlopig nog maar niet aan...
Door naar de zuivel (dairy). Melk zit in grote pakken, vaak 2 liter, of zelfs een gallon (bijna 4 liter). Daarom zijn die Amerikaanse koelkasten natuurlijk zo groot, het past er anders niet in! Veel keus hier in soja-producten. Yoghurt zit niet in pakken, maar in 1 liter tonnetjes, want het is veel dikker dan in Nederland. De houdbaarheid is eng lang, soms wel twee maanden.....! En allemaal Fatfree, maar als je kijkt hoeveel suiker er in zit...! Je moet trouwens toch goed naar de uiterste verkoopdatum kijken, want die is soms al een week over tijd, brr. Ze hebben veel keus, maar ik mis hier de vla, dat kennen ze niet. Gelukkig heb ik een recept voor vla gevonden, en kan ik dat inmiddels (na twee keer oefenen) zonder aanbranden maken.
Daarna is het tijd voor de frisdranken, soft drinks. Geen Fanta, maar wel allerlei soorten cola, met kersen of citroensmaak, gewoon of Diet (wat in het Nederlands Light heet). De flessen zijn 2 liter groot, en gemaakt van slap plastic, dus oppassen bij het openen! Van elke smaak staan er heel veel, je grijpt nooit mis. Tevergeefs zoek je naar het Amerikaanse equivalent van de Spa Rood.
Verderop staan twee enorme straten met liquors, wijn, bier, en sterke drank. Alles gewoon in de supermarkt te koop, als je maar 21 jaar bent of ouder. Je kunt bij de kassa dus gevraagd worden om je rijbewijs of andere identiteitskaart te laten zien. "We card!" heet dat, wij vragen naar je ID-card. Enorm veel wijn, natuurlijk veel uit California, maar ook veel imported. Voor de bierliefhebbers: ze hebben hier gewoon Heineken, Grolsch en Amstel! En ja hoor, naast de flessen tequila en rum staan de flessen met Club Soda en Selzer, de mineraalwaters dus. Die zijn hier niet bedoeld om gewoon los te drinken, maar worden gebruikt om te mixen met de drankjes. Rare jongens, die Amerikanen.
Je loopt verder en passeert een medewerker. "Are you finding everything OK today?" vraagt hij. De eerste keer kijk je hem verbijsterd aan. Wat bedoelt hij? Verwacht hij een antwoord? Wat moet ik terug zeggen? Maar na een aantal maanden weet je wat je terug moet zeggen: "Yes, thank you" of vraag hem gewoon waar de pindakaas staat. Meestal lopen ze helemaal met je mee naar het betreffende rek, en na een aantal keer vind je dat geen eens raar meer. Het is gewoon aardig bedoeld, al vond ik de meneer die een kwartier bleef doorzagen over mijn trui en me de hele winkel achtervolgde, iets te overdreven...
Verder zoek je tevergeefs naar Hollandse zaken zoals drop, pepermunt, vla, krentenbollen, haring. Ook vind je geen satehsaus, gemberbolletjes op siroop en grote blikken soep of groenten. Wel vind je heel verrassend Dutch Applepie, Rademaker chocolaatjes, Gouda cheese (slechte imitatie, niet lekker), Brabantia broodtrommels, en Grolsch bier.
OK, de kar is vol, op naar de kassa. Er zijn een stuk of 10 kassa's, helaas zijn er maar 2 open, dus even in de rij staan. Het kan lang duren, de ene klant moet een check uitschrijven, de tweede heeft een artikel dat niet in de computer zit, en de derde vindt de witlof te duur, en besluit na een lange discussie om die achter te laten. Als je aan de beurt bent zegt de cassiere (M/V) "Hi mem, how are you today?" Het correcte antwoord is "Fine, how are you?", waarop ze meestal verbaasd zijn dat je ook in hun welzijn bent geinteresseerd. Overigens zegt een vermoeide cassiere aan het eind van een lange werkdag ook wel eens "not to bad" of "pretty tired, thanks for asking"! Aan de andere kant van de lopende band staat vaak een tweede personeelslid, om je boodschappen in te pakken. Wat een luxe! De eerste keer verstond ik niet wat ze bedoelden als ze zeiden "peeprplestk", maar nu weet ik dat ze vragen "paper or plastic?", of te wel in wat voor tassen je het wilt hebben. Je kunt kiezen tussen dunne slappe plastic zakjes, die al bij 1 fles cola gaan scheuren, of grauwe papieren zakken die ook bij 1 fles cola al scheuren. Bij een volle mand boodschappen eindig je al gauw met 20 zakken, dus wij en het milieu zijn blij dat onze Albert Heijn boodschappentassen weer in ons bezit zijn. Iedereen kijkt altijd heel verbaasd bij deze tassen, vooral als ik zeg dat er wel 5 flessen in kunnen. Scheurt hij dan niet? Nee, laad maar vol. Voor elke plastic tas die je zelf meebrengt (recycle't) krijg je 5 cent korting. Helaas krijg ik maar 15 cent, als ik mijn drie AH tassen op de band leg, terwijl ik zeker 10 plastic tasjes bespaar!
Al de boodschappen zijn gescand, en de totaalprijs komt in beeld. Oei, wat veel. Boodschappen zijn hier best duur, een (lekker) brood kost 3,29 dollar en een liter yoghurt is 2 dollar of meer. Waar ik in Nederland voor een volle kar boodschappen 200 gulden betaalde (ik reken nog steeds in guldens, sorry), kost het hier al gauw 200 DOLLAR, dus 2.5 keer zoveel. Ja, het leven is hier duur...
Tenslotte vraagt de inpakker of je hulp nodig hebt bij het in de auto laden, heel vriendelijk, al maak ik er nooit gebruik van. Met je volle kar loop je naar je auto. Je krijgt geen muntje retour als je je kar netjes terug zet, dus de meeste mensen laten hun boodschappenkarretje gewoon naast de auto staan. Waarom zou je je uitsloven, als er toch personeel is om de karren terug te zetten? Als ik mijn karretje wel netjes terug breng naar de winkel zie je de andere klanten meewarig kijken....

See you next time!
O ja, Maandag 25 maart is mijn eerste werkdag bij David Relman, wat zie ik daar tegenop na 5 maanden vakantie....

Einde van Deel 11: Terug naar Nederland.

Ga door naar Deel 12: Het Relman Lab.